The world according to affodil

Toen ik omkeek was er niemand…

Gepost in Filosoferen door affodil op 13 maart, 2007

Vier jaar is het nu geleden dat mijn vader overleed. Of is het langer? Waar en wanneer heb ik hem werkelijk verloren?

Ik kan me niet herinneren dat ik mijn vader niét miste. Vroeger, héél vroeger, in mijn kindertijd was hij de altijd afwezige, hardwerkende man. Steeds onderweg voor het werk. De uren dat ik hem thuis zag (meestal in het weekend, want in de week was hij vroeg de baan op en laat thuis), zat hij gebogen over plans en berekeningen en was hij nog even onbereikbaar.

De waarden die een kind van een ouder moet meekrijgen kwamen meestal via mijn moeder, die ze (bijgekleurd of niet) vertaalde in “papa wil dat zó” of  “als papa dat hoort”.
Uit mijn hele jeugd herinner ik me welgeteld 2 héél bijzondere (want zowat de enige) momenten, die met mijn vader verband houden.

Een winteravond bij de kachel. Begin december, want ik zit op papa’s knie naast de oude radio/pick-up (een mahoniehouten kast met beige stof vooraan en een klein labeltje van ACEC) en we zingen mee met de sinterklaasliedjes. Ik zie het platenhoesje nog vóór mij: rood met een soort potloodtekeningen die dan wit ‘ingekleurd’ zijn en ergens zit er een veeg geel in, waarschijnlijk de staf van sinterklaas. Een kinderkoortje met een orgel in de achtergrond. “Sinterklaas, als je komt in ’t land”, “Hoort wie klopt daar kinderen?”, “Sinterklaas is jarig”,… Sint was altijd heel genereus. Hij bracht bergen speelgoed, maar nooit de tijd die ik met papa wou doorbrengen…

Een zondagmorgen in de zon. Ik ben inmiddels een tiener met de daarbij horende grote levensproblemen. Ik heb een jurk aan in rood en wit, die mijn moeder zelf gemaakt heeft. We zitten in de zon op een terras en praten. Over al die knopen waar ik mee zit. Vooral in verband met mijn moeder met wie ik een overwegend haat- en slechts heel af en toe liefdeverhouding heb. Zij kan het ook niet alleen aan en dat voel ik vooral aan mijn gezicht en hoofd. Als haar stoppen doorslaan beginnen haar handjes te wapperen. Mijn “tieneronzin” kan ze er niet nog bij hebben, dus dat zoek ik dan maar zelf uit. De zalvende stem van mijn vader, die het allemaal wel begrijpt en mij verzekert dat het wel zal overwaaien…
Later, toen ik trouwde en we 2 zoontjes hadden, stopte hij vroeger met werken. Opeens was zijn job niet meer zo belangrijk. Hij vulde zijn dagen met fitness, joggen, tafeltennis, zwemmen en jaloers zijn op de man, mijn man, die samen met mij besloten had er altijd eerst te zijn voor onze kids en het dan maar met wat minder te doen. De man, mijn man, die zijn vrije uren vulde met stoeien met zijn zoons, chauffeur speelde naar voetbal- en zwemclubs en wedstrijden. De man, mijn man, aan wie hij en mijn moeder toch nog het liefst verweten dat hij lui was omdat hij niet overwerkte. De man, mijn man, die een echte vader is zonder dat hij ooit een voorbeeld had, want zijn vader verongelukte toen mijn man amper 3 maanden oud was.
Nu vier jaar geleden stond ik aan het sterfbed van een inmiddels wildvreemde man. Het enige bewijs dat hij mij eindelijk voor vol aanzag kwam, toen hij zijn masker afgooide en zich zonder schroom ontpopte tot een rabiaat racist. Zelfs in ons huis en in bijzijn van onze kinderen kon hij het niet laten zijn extreme taaltje –weliswaar verpakt in domme moppen- te lozen. Tot ik hem op de man af zei dat ik dat onder ons dak niet duldde en dat ik niet wilde dat hij de gedachten van onze zoons vergiftigde.

De manier waarop hij met zijn ziekte (hij had mesothelioom) omging oogstte bijna overal bewondering. Mijn man en ik keken dwars door die mist. We probeerden er te zijn voor allebei mijn ouders, maar de enige hulp die hij aanvaardde was puur logistieke steun.
Zijn laatste adem heeft hij weloverwogen gespaard om wat mij nog restte aan gevoelens voor hem te breken. Om mij te breken. Zich te revancheren voor ik weet niet wat ik hem misdaan heb.

Is hij toen en daar gestorven? Of toen hij zich eindelijk toonde zoals hij écht was: een man zonder respect voor de ‘andere’ medemens? Verloor ik hem al eerder? Of kan je niet verliezen wat je enkel gedroomd hebt?

Om de plotse woede en gekwetstheid van die laatste ogenblikken te boven te komen heb ik ook het plezier van die paar goede herinneringen moeten opgeven. Ik kan ze nog beschrijven, ik weet nog wat ze ooit voor mij betekend hebben. Maar nu kan ik me enkel nog bedrogen voelen. Hoe blind kan je als kind zijn? Hoe goedgelovig? Hoe kwetsbaar ben je en hoe makkelijk is het om daar als volwassene misbruik van te maken.
Ik had gehoopt dat, als ik met die vreemde stervende man afrekende, ik de vader uit mijn herinneringen zou terugvinden. Maar toen ik omkeek was er niemand …
 

Reageer