The world according to affodil

Wakker worden…

Gepost in Dromen door affodil op 3 juli, 2008

Dat kan soms even moeilijk zijn, vooral als je net heerlijk aan het dromen was (zie “Dromen” van 13/3/06). Tijdens onze vakantie op Corsica ging de wekker héél luid af. Maar naast wat vage hoofdpijn hou ik er vooral warme herinneringen aan een paar hartelijke mensen aan over…

 

 

Woensdag, 7 mei

Heb gisteren van Annie Bernardini via de telefoon een afspraak gekregen om vandaag zo rond 16u te komen kletsen op het hoofdkwartier, maar heb natuurlijk het adres op mijn eigen manier neergekrabbeld. Bij het afsluiten van het gesprek zeg ik “A dopu” (tot gauw) en ze lacht uitgelaten.

Gewapend met een erg summier stadsplan van de toeristische dienst en de uitleg van het meisje achter de balie trek ik de oude binnenstad in op zoek naar mijn rendez-vous… Het is pas half twee als ik het adres gevonden heb, dus ikke gerust en fier. Nog wat shoppen, nog iets gaan drinken en dan op mijn kuierlatten terug. Ik moet Annie bellen als ik in de straat kom (het huisnummer heb ik niet).

“Annie, ik sta hier in de straat, welk gebouw is het?” Oh jee! Ik sta vlakbij de oude haven en ik word verwacht in Pietrabugno, helemaal boven het moderne prefectuurgebouw aan de andere kant van de stad… Geen haar op mijn hoofd dat er aan denkt om mijn auto op te halen op de place St-Nicolas! In dat zuiderse stadsgewoel? Never!

Aan een politieman (!) vragen naar de prefectuur, aan een half dozijn mensen op straat, niemand die dat weet zijn, he! Uiteindelijk in een krantenwinkeltje hebben ze een ander (ook simpel) stadsplan, maar wél de juiste uitleg. Intussen zijn de boeken die ik gekocht had door het plastic tasje gevallen en die liggen meer op de straatstenen dan ik ze in mijn handen heb. Zenuwen? Ikke? Bah, nee gij! De dame van de krantenwinkel heeft zo met mij te doen dat ik naast dat stadsplan ook nog een linnen tasje met de afbeelding van Corsica en zijn voornaamste steden krijg. Mijn boterhammekes gaan nog beter smaken als ik ze in dat tasje meeneem!

Met de benenwagen de place St-Nicolas over, dan van de nieuwe haven weg naar dat ronde, hagelwitte moderne gebouw dat de prefectuur is en dan vragen naar de straat… die niet meer op het stadsplan kon en niemand weet zijn, zelfs niet diegenen die er blijkbaar wonen???????

“Annie, ik sta achter de prefectuur in de rue des Bois de Bastia. En nu?”

“ Ah, dan ben je dichtbij! Waar ben je juist, wat zie je?”

“Ik sta naast een roze kerkje”

“Goed! Héél goed! Iets verder ga je op je linkerkant een SuperU zien en iets daarachter rechts een apotheker. Daar moet je omhoog (steil omhoog!) naar rechts tot helemaal achteraan, dan links, dan terug rechts en dan terug links. En dan bel je maar terug. Zie je de apotheker al?”

“Annie, ik ben te voet… Dat gaat zo rap niet, hoor!”

“Och, nee!!!!! Ik dacht dat je in de auto zat. Ohlala!!! Ma pauvre! Ga je dat allemaal kunnen onthouden als je zo moet zwoegen ? Bel maar als je vastzit”

Ik kan het onthouden tot ik ademloos bij het gebouw sta (raad eens hoe het heet? Les immeubles Asphodèles (Affodil). Toeval ? Bestaat niet ! Alleen deuren vallen toe!)

Ik draai nog een kwartier rond het gebouw om de ingang te vinden, het zweet loopt intussen in stralen van mijn rug en ik zie knalrood. Gevolg: als ik eindelijk binnenkom schieten we met z’n 3 (Annie, Cynthia en ik) in een gierende lach en wordt onmiddellijk een groot glas fris water voor me neergezet om even op mijn positieven te komen. Annie geeft me een hartelijke knuffel alsof we mekaar al jaren kennen (we béllen al wel 2 jaar, natuurlijk). Op dat moment komt Alain binnen en die is ook direct aan het lachen (ik moet er dus wel verschrikkelijk onnozel uitzien…). Hij blijft maar even praten, want hij moet gelijk weer weg.

Jean-François is er zelf niet want er is vanavond een debat ten voordele van het AFC en hij moet nog van alles voorbereiden. Annie zal hem mijn brief geven, want ze gaat ook naar die bijeenkomst. Heb er de knuffelstenen in gedaan die ik het hele vertaal- en wachtproces heb bijgehouden. “… pas des petits cailloux blancs, mais peut-être on en peut construire des châteaux pour demain quand même…”. Een zinnetje dat refereert aan zijn tekst “Un battement de coeur” uit zijn boek “Umani”.

Een gezellige babbel van zeker een uur, maar met de gevreesde negatieve afloop. Anne Carrière, de uitgever van de Franse versie, vond uiteindelijk dat het sop de kool niet waard was. De kosten voor een nalezing door een beroepsvertaler zouden te zwaar wegen op de te verwachten kleine oplage, dus gaat het feest niet door. Zelfs de lovende reactie van Kramat, de Belgische uitgeverij die oorspronkelijk wel geïnteresseerd was, mag niet baten. Einde van het verhaal.

Terug naar de auto gaat een stuk makkelijker want bergaf, een illusie armer en geen stenen meer op zak.

Als een hoop afgevallen bladeren…

Gepost in Dromen door affodil op 13 november, 2007

 Hoewel leuk door hun individuele felle kleurtjes, zien afgevallen bladeren er altijd wel wat rommelig uit. Vooral als de kille herfstwind hen op een hoopje heeft bijeen geblazen in een hoekje van de tuin. Daar komen dan kleine kriebelbeestjes in de hoop krioelen en op hun aanwezigheid komen dan weer insectenetertjes af.

Zo voelt mijn geest momenteel ook aan. Allemaal losse ideetjes en gedachten die op een hoopje zijn gegooid, elk met hun aantrekkelijke kantjes. Aan elk idee zitten nog wat losse eindjes vast en als ik die begin te strikken, komen er weer nieuwe uitlopertjes bij.

Zo is er het blaadje van de keuken. Na alle felle stormen die het heeft doorstaan gedurende deze zomer is het nu opgebruikt en afgevallen. Er zitten nog wat rafelige kantjes aan en hier en daar zal het nog wel wat van kleur verschieten, maar het is nu toch klaar voor een hongerig kevertje dat de winter nog niet wil zien aankomen.

Er is ook een blaadje bij van zowat de drukste periode die we op het werk hebben: de veiligheids- en milieudagen, die ik nu al 9 jaar nagenoeg in mijn eentje op poten zet. Vrijdag is er nog een “heruitzending” van vorige donderdag, voor de mensen van de stadscampus. Maar het plannen, vergaderen, logistieke ondersteuning vragen en uitnodigen is voorbij. Vermoedelijk ga ik vrijdag zelfs maar heel even langs om te kijken of alles ook daar in orde is, hoewel dat in feite voor mijn collega is.  Dan gaat ook dat blaadje op de hoop. Mét een rood randje vanwege toch weer even een klein probleempje dat ik niet had zien aankomen. Bladvulling voor mijn intussen redelijk dik logboek waar ik volgend jaar alle blunders mee wil voorkomen en eens een keer, voor de 10de keer, een perfecte versie van wil uitbrengen.

Het blaadje van de korte herfstvakantie is ook al gevallen, maar ik hou het nog in de hand. Ik wil er nog van genieten, maar hier zijn geen rafeltjes meer aan. Het belooft een mooi glad blaadje te worden, met rustige gele tintjes en fijne donkerbruine adertjes. Geen vlammende kleuren, geen telkens opnieuw opvliegen tot hoog in de lucht. Verstilde tijd.

Er hangen nog een paar bladeren aan de boom die nog niet helemaal  klaar zijn om hun houvast los te laten. Er zit nog wat groen in, er moet nog wat tijd overheen gaan. De verkleuring is al ingezet met het samenstellen van de feestmenu’s, maar één en ander zal nog wel wat voeten in de aarde hebben.

Eén donkergroen takje zie ik nog. Het heeft geen blaadjes, maar naaldjes. Hier gaan de kruipdiertjes en zwammetjes zich niet tegoed moeten doen aan afgevallen blaadjes. Als ze volgevreten zijn, kunnen ze gaan schuilen voor de kou in de grove kieren van de bast. Een veilige, warme plaats om te overwinteren en zich te koesteren als de zon er even doorkomt. En dan de volgende lente komen piepen en genieten…

 tassu-055.jpg  Corsicaanse den (Pinus nigra var. corsicana)

Superroetsjbaan…

Gepost in Dromen door affodil op 13 maart, 2006

Een mens begint soms aan iets, met het idee dat het allemaal zo’n vaart niet gaat lopen en dat je rustig de tijd hebt om de wijn te laten rijpen.

Eind vorige maand een beleefd briefje naar een paar uitgevers gestuurd. Bij thuiskomst na de vakantie eind mei, begin juni zal er dan wel ergens iemand op het idee gekomen zijn om -in het beste geval- een beleefd briefje terug te sturen en wie weet zit er dan eentje bij die interesse heeft… Onze uitgevers staan er niet direct om bekend erg gehaast te zijn en ik kan me voorstellen dat ze per dag ook wel een hoop papier moeten verzetten.

Vorige donderdag een brief van uitgeverij X. Dat ze altijd op zoek zijn naar waardevol materiaal om te publiceren en of ik per kerende een afprint van mijn manuscript kon opsturen… WABLIEF? Efkes over naar familie… in dit geval de familie Bernardini. Mailke gestuurd. Binnen de vijf minuten telefoon vanuit Tagliu… Annie, zus van en zakelijke duizendpoot van de familie. Internationaal en naar een gsm nemen die mensen er rustig de tijd voor om eerst een fijne babbel te doen met iemand die ze van haar noch pluimen kennen. Time is money maar ze spenderen graag iets als het om mensen gaat. Zoveel klopt er dus in elk geval al van wat er in het boek staat. Toen de auteur mij de 2de keer opbelde, was het eerste wat hij vroeg:”Hoe is het met je man? Heb je hem mee naar huis gekregen? Toch niks ernstigs zeker?”. Zover is mijn moeder nog altijd niet.

Intussen ligt mijn manuscript dus bij een vertaalbureau in Parijs en zijn ze vanuit Tagliu de aanval begonnen op de Vlaamse en Nederlandse uitgeverijen. ‘t Moet vooruit gaan. In het najaar komen de boys naar Nederland en misschien ook wel weer naar Vlaanderen op tournee en dan kunnen ze gelijk het boek promoten.

Ik heb het gevoel dat ik op een hemelhoge roetsjbaan zit en maar blijf suizen en suizen en suizen en…

If he would call me…

Gepost in Dromen door affodil op 25 februari, 2006

dscf3336_k.jpgBlogvriendin Bojako heeft zo’n reeks van die schoon kopkes naast haar blog staan van gasten die haar altijd eens mogen bellen, maar waar ze zich niet teveel illusies om maakt… Niet wanhopen, hoor Bojako, soms gebeurt het tóch!

Het zat allemaal een beetje slecht qua timing, want ik was juist aan ‘t over en weer rijden naar mijn Venteke in de kliniek. De batterij van mijn gsm was zo plat als een sigaretteblaadje en dus had ik die al maar thuis in de lader gestoken. Wat zijt ge tenslotte met een doofstomme praatpaal in uw sjacoche?

Thuis gekomen vond ik een voice mail bericht. Ik van ‘t gedacht dat de kids gebeld hadden, of iemand van de buren, ik bel dus 5555: “U heeft één nieuw bericht, nieuw bericht, vandaag om 16u32: Chère Chris, c’est JFB. Je suis rentré en Corse et … (censuur). Vous pouvez me téléphoner au numéro … (uiteraard opnieuw censuur). J’espère de vous entendre très bientôt”

Een halve avond heb ik moeten zitten puzzelen aan dat nummer, want ik geloof dat hij op het drukste kruispunt van Bastia gaan staan is om te bellen… Mijn schoondochter heeft uiteindelijk nog een stuk ontcijferd en de volgende morgen was ik eindelijk voldoende klaarwakker om de laatste 2 cijfers te vinden. Dus zó tôt was het niet eer ik hem aan de lijn had. En toen was hij aan het parkeren… Omdat ik niet wou riskeren dat hij een bluts in zijn keverke zou rijden, heb ik hem maar laten doen. Omdat hij het zo schoon vroeg, mocht hij ’s avonds terugbellen. We zijn voorlopig niet meer “on speaking terms”, we mailen. Da’s goedkoper en dan hebt ge tenminste zoveel werk niet om die achtergrondruis weg te werken.

Blijven proberen, Bojako…

Oui!!!

Gepost in Dromen door affodil op 19 februari, 2006

muvrini26.jpgHet is een “OUI” geworden!

Het was vorige vrijdag van het eerste tot het laatste moment zo intens dat ik naderhand zeker 10 minuten gaan zitten ben om mijn knieën onder controle te krijgen…

De dag was anders wél rampzalig begonnen. De gloednieuwe band vooraan aan de auto was opnieuw plat tegen dat we moesten vertrekken. Dus eerst nog naar de garage waar ze me een dik uur aan de draai hielden voor een klusje van 10 minuten. Dan door een echt str*ntweer naar Stavelot. We hadden in een B&B-hotel geboekt, waar we pas na een eeuwigheid verkeerd rijden langs half opengebroken straten aankwamen. Gelukkig waren we toch nog op tijd om een relaxerend badje te nemen en een stukje te gaan eten (waar Venteke nu nog problemen van heeft wegens niet verse garnalen). Venteke heeft me bij het cultureel centrum afgeleverd (hij begrijpt te weinig Frans om iets aan zo’n avond te hebben) en toen begonnen de zenuwen door mijn lijf te gieren.

De lezing zelf: een droom. In meer dan één opzicht. Ik had tijdens het vertalen op een gegeven moment echt het gevoel dat de “klik” er was en dat ik zó “in” de tekst zat dat het toen wel leek of JFB naast me zat te dicteren. Wel nu hoorde ik het dus voor de 2de keer.
Een groot deel van “Carnet” en toen… uit héél “Umani” net dié tekst die ik vertaald had voor de begrafenis van mijn reikimaster: “le fontainier”. Toen wist ik dat het goed ging komen.

Toen het vragenuurtje voorbij was en de meeste mensen hun boeken hadden laten signeren, ben ik op hem toegestapt en heb hem mijn vertaling gegeven. Het moet zeker het eerste moment van de avond geweest zijn dat hij volle 2 minuten sprakeloos bleef. Lang genoeg zelfs opdat de cameraman van RTBF (vermoed ik) zijn toestel terug kon vastpakken en het hele gebeuren kon filmen omdat ook hij voelde dat er iets gaande was… JF kon er eerst blijkbaar niet goed bij dat iemand zomaar op het idee kwam om al dat werk en die tijd te investeren zonder te weten of het ook nog ergens toe kon leiden. Toen ik hem uitlegde dat ik er eigenlijk aan begonnen was omdat ik niet aan mijn man kon verklaren waarom ik het boek 3 keer onmiddellijk na elkaar had gelezen, begon hij te lachen. “En wat vindt hij er nu van?” “Hij moet wachten op het 2de exemplaar, het eerste heb jij vast. Dat heb ik pas donderdagochtend om 1u afgekregen. Nu ik het toch af heb, hoop ik dat ik het mag uitgeven ten voordele van AFC. Ik kan de rechten niet kopen, maar ik wil er ook op geen enkele manier geld uitslaan.” En toen heeft hij gewoon zijn hand op mijn schouder gelegd en een paar keer iets heel erg groot proberen wegslikken voor hij zei dat dat het mooiste geschenk was dat hij in lange tijd, misschien wel ooit had gekregen. Dat ik me om de rechten niet hoef te bekreunen en dat hij het nodige zal doen om zijn uitgever over de lijn te halen. En dat hij binnenkort zelf contact zal opnemen om de zaak verder uit te diepen. Hij is er lange tijd mee in zijn handen blijven spelen (“wat een enorm werk”), kon natuurlijk de tekst niet lezen (ik hoop dat hier de vertaalcontrole ook weer geen roet in het eten zal gooien want van een ander boek ligt de vertaling net daarom in een Brusselse safe), lachte toen hij op de flap een bewerkte foto van kleindochter Liese zag en bleef maar zeggen “zo’n mooi geschenk” en “je weet het toch zeker?” en “wat is jouw beroep?” en … Tot er iemand achter mij ongeduldig kuchtte en ik hem zelf wakker gemaakt heb. Hij gaat snel (?) contact opnemen, heeft hij nog eens beloofd. Het wachten is dus begonnen…

Tussen 2 treinen…

Gepost in Dromen door affodil op 16 februari, 2006

Ik heb dus precies met mijn kop tussen twee botsende treinen gezeten, hé…

Vannacht nog tot 1u zitten typen en ik begin al een dagske ouder te worden, dus dan voelt ge dat de volgende dag. Een mens wil dat niet altijd geweten hebben, maar ge voelt u zoals ge u voelt en dat is op ‘t ogenblik niet schitterend. Maar ‘t is af, dus vanavond kan ik er in principe op tijd in. Alhoewel, we hebben kaarten voor een optreden in Ter Vesten, van … al sla je me dood, ik weet het niet meer. En mijn moeder gaat ook mee, dus ik kan niet afzeggen.

Morgenavond zal het zeker niet vroeg zijn, want dan is D-day. En hoe langer dat het duurt, hoe beter dat het er uit ziet voor  mij. Of ik er beter ga uitzien, is weer een andere vraag.
Al goed dat die pasfoto al gemaakt is…

Straks moet ik 2 keer een exposé geven voor mijn evacuatieleiders om hen klaar te stomen voor de ontruimingsoefeningen van de volgende weken. Ik weet niet direct waar ik met mijn power point presentatie gebleven  ben, ik weet niet of ik mijn eigen uitleg ga kunnen volgen en nog minder of ik mezelf nog ga kunnen horen zagen… Maar daar komt Tante Routine dan wel ter hulp. Ik heb trouwens nog tot 11:30 om op mijn pootjes te landen zoals de katten. En om wakker te geraken.
KOFFIE!!!!!!!!!

Aftellen (2)…

Gepost in Dromen door affodil op 13 februari, 2006

Nog 4 dagen en 5 hoofdstukjes te gaan… Nog 25 bladzijden tot het verlossende eindpunt…

Het grootste deel ligt al uitgeprint klaar. Deze morgen heel vroeg een voorpagina-ontwerp gemaakt. Van een foto van onze oudste kleindochter…

En laat nu stilaan iedereen in de familie ten prooi vallen aan de naderende grieppandemie… Ik heb dus al een herziene uitgave van ons inpaklijstje gemaakt:
- immodium
- immodium
- immodium…

Stel je voor dat we moeten afspreken in de toiletten…

Koorts…

Gepost in Dromen door affodil op 7 februari, 2006

… nee, niet het soort dat je van nare beestjes krijgt. Het soort dat je van opwinding krijgt, zoals een jong meisje dat naar haar eerste afspraakje gaat, of de flush die je krijgt als je de lottouitslagen naleest en nog één cijfertje verwijderd bent van de grote pot. Ik heb koorts. Mijn konen zien knalrood (nee, ook geen opvlieger!).

Ik ben al een tijdje aan een  dubbelleven bezig. Venteke weet ervan, dus het kan geen kwaad als ik het hier nu verklap. Ik heb vorig jaar een boek gekocht. Een franstalig boek (kan moeilijk anders, het is door een Fransman, euh … een Corsicaan, dus ja door een Fransman geschreven). Een heel ontroerend en poëtisch boek. Vol liefde. Liefde voor de mensen, van welke kleur en afkomst ook. Liefde voor de natuur, voor de gevoelens van de mensen, liefde voor de liefde… Het ligt altijd onder handbereik. Het is mijn eigen, calorievrije snoepdoos. Af en toe pak ik het vast en dan lees ik hier of daar een paar lijnen. En dan moet ik iets doorslikken. Soms is dat een grote brok om door te slikken.

De afgelopen weken heb ik al veel brokken moeten slikken. Ik heb nu het boek dagelijks in handen, snoep van elk woord, van elke comma… Soms moet ik echt lachen met zijn fijne humor. En vaak zit ik in tranen om de mooie dingen die hij zegt. Of omdat ik ze niet op de juiste, respectvolle en naar waarde schattende manier vertaald krijg. Steentjes, punaizen en glassplinters heb ik al gezweet. Maar het werk schiet op. Ik zal blij zijn als ik er doorheen ben. En ik zal het een minuut later alweer missen. Dit is de meest intense manier om een boek te lezen. Het gaat tot in je merg… en verder.

Ik was er aan begonnen puur voor mijn eigen plezier, zonder enige pretentie of ambitie. Maar toen kwam alles in een stroomversnelling. Iemand stelde voor (op een forum van corsicafanaten) om een groepje te vormen dat zou proberen het boek te vertalen. Jamaar, ik was er bijna mee rond… Toen ik dat met een klein hartje liet horen, waren ze allemaal superenthousiast en schaarde iedereen zich prompt achter mij, zodat ik niet meer terug kon. De één had connecties met de auteur en heeft die aangespoord om binnen 2 weken tijd voor mij vrij te maken voor een gesprek. De ander stelde een afgeschermd deel van zijn site ter beschikking om met een select groepje aan de voorlezing te werken en problemen op te lossen. Vandaag kreeg ik -voor mijn verjaardag- een mailtje van een uitgever die wil meespelen.

Dus nu moet ik dringend eens de geschiedenis van die andere kleine Corsicaan gaan doorlezen… Die die nagenoeg heel Europa onder zijn maatje elfendertig plette. Als hij dat kon, moet ik met mijn 1,52m en mijn maatje 38 toch één van zijn landgenoten omver krijgen?…

Hopelijk ligt mijn Waterloo niet in Stavelot…

Tijdelijk adres: wolk 7…

Gepost in Dromen door affodil op 24 januari, 2006

Nee, ik ben niet in die file blijven steken. En het was inderdaad een omen voor het weekend. Het etentje thuis hebben we nog nét gehaald, we hebben niet gevonden wat we zochten in ‘t Stad en het ontbijt op bed is uitgesteld…

En toch kon mijn weekend niet stuk. Ik kan er eigenlijk nog niet veel over loslaten. Anders loopt dit ook weer vast in een file. Maar er is een goede reden waarom ik momenteel niet veel “blog”. En het fotoboek van Affodil zal ook moeten wachten.

Ik zit namelijk -bijna dag en nacht- aan de verwezenlijking van een droom te werken. Klaarwakker. Maar af en toe moet ik wel eens in mijn eigen arm pitsen om zeker te zijn dat het écht gebeurt.

Ik leef nu onder hoogspanning, op het topje van de zenuwen en tegen de chrono. Pure adrenaline. En dat gedurende nog zeker 3,5 weken. Daarna stort ik in, hopelijk met een felbegeerd briefje op zak …